www.kookookeens.nl

DE online keuken voor iedereen onder één muts!

Ook een eigen gratis forum?

- Met je eigen logo
- Filmpjes mogelijk!


Klik hier om jouw forum te maken


TV-kok PIERRE WIND

 
Nieuw onderwerp plaatsen   Reageren    www.kookookeens.nl Forumindex -> INTERVIEWS met TOPPERS uit de culinaire wereld...
Vorige onderwerp :: Volgende onderwerp  
Auteur Bericht
www.kookookeens.tk
Beheerder
Beheerder


Geregistreerd op: 14 Jul 2008
Berichten: 1811
Woonplaats: Zeeland

BerichtGeplaatst: 9 Nov 2013 19:43:17    Onderwerp: TV-kok PIERRE WIND Reageren met citaat

Interview www.kookookeens.nl met Pierre Wind

Na TV-sterren bakker Abel en fenomeen Rudolph van Veen is het nu de beurt aan "die andere" bekende kok. Je weet wel, die altijd zo druk is op de planken... Beter bekend als Pierre Wind een geweldig enthousiast en meeslepend kokoloog! Geniet hieronder van het verhaal wat Pierre voor onze lezers vertelde.


Pierre Wind, kokoloog

Kookookeens: Wie bent u precies?
Pierre Wind: Kookmens pur sang. Mijn doen en laten is en bestaat uit voer.
Werkzaam geweest in sterren(Michelin)-zaken als Seinpost, Saur en Prinses Juliana te Valkenburg. Daarna jarenlang, als boegbeeld van de innovatieve keuken met restaurant ‘De Nas’ en daarna jarenlang werkzaam als chefkok in restaurant September te Den Haag. Pierre heeft diverse prijzen gewonnen. Onder andere ‘De Zilveren garde’. Uit zijn pannen en potten komen, naast de reguliere kookkunst, o.a. gerechten zoals mosterd-sambalijs, zuurkoolijs, framboos-bietenparfait, choco-bananensushi, vruchtenhagel-uiencompôte, gamba’s & vanillevla, fricandellencarpaccio, spruitjesburger, erwtensoep met marsepein gebakken melkvel, rauw broccolisap en dropsoep.


Kookookeens: Hoe oud bent u?
Pierre Wind:
Geboren: 24-03-1965
Favoriete kleur: Zwart
Favoriete boek: Mijn Laatste
Favoriete film: o.a. Tampopo


Kookookeens: Omschrijf uzelf in één zin of woord.
Pierre Wind: Was ik maar een punt, dan was ik het einde.

Kookookeens: Noem eens een goede en slechte eigenschap.
Pierre Wind:
Goede:
Ideeëntank. Ben blij dat ik gezegend ben met een groot creatief oplossingsvermogen.
Slechte:
Wil altijd perfectie nastreven. Wil heel graag de beste zijn.


Kookookeens: Op welke school/scholen heeft u uw koksopleiding gehad?
Pierre Wind: Pedagogische Technische Hoge School Consumptieve Techniek in Amsterdam, 3e graads brede bevoegdheid in koken, serveren, brood en banket, studeerde af met 2e graads bevoegdheid voor koken en serveren. Daarvoor vele opleidingen zoals lts consumptieve techniek, SVH, Vako, etc.

Kookookeens: Noem een paar bedrijven waar u heeft gewerkt.
Pierre Wind: Zie vraag 1

Kookookeens: Wat is uw favoriete eten/gerecht?
Pierre Wind: Favoriete eten: Stamppot met worst.

Kookookeens: Als u niet meer kon koken wat voor beroep zou u dan willen uitoefenen?
Pierre Wind: Bioscoopfilm regisseren.

Kookookeens: Wat doet u graag in uw vrije tijd als u niet aan eten/koken hoeft te denken?
Pierre Wind: Ik werk zeven dagen in de week. Kokologie is mijn leven.

Kookookeens: Wie was/is altijd uw grote voorbeeld en hoe kijkt u nu tegen die persoon aan?
Pierre Wind:
Ten eerste: Mijn Spiegelbeeld
Ten tweede: Apicius


Kookookeens: Heeft u nog een tip voor de leden van www.kookookeens.nl ?
Pierre Wind: Wees altijd jezelf en zorg dat koken geen ‘moeten’ wordt, maar iets wat uit jezelf komt

Kookookeens: Uw favoriete recept voor onze leden om thuis te proberen, graag met foto?


Pierre Wind:
Colabavarois

Ingrediënten voor vijf personen:
2,5 dl cola
30 gram suiker
4 blaadjes gelatine
2,5 dl slagroom
20 gram amandelschaafsel
8 gram vanillesuiker
10 cc rum ( ongeveer 1 eetlepel)

Garnituur:
5 x 10 frambozen
5x 2 kletskoppen

Bereidingswijze:
Rooster het amandelschaafsel tot status lichtbruin. Breng de helft van de cola aan de kook. Niet doorkoken. Week de gelatineblaadjes in koud water. Los in de hete cola de suiker en de blaadjes geweekte gelatine op. Dan roer je er de overgebleven koude cola doorheen. Vervolgens direct in de koeling zetten (af en toe roeren). In de tussentijd klop je de slagroom met het afgekoelde geroosterde amandelschaafsel, de vanillesuiker en de rum tot status ‘bijna stijf’. Oftewel: tot yoghurtdikte. Wanneer het colamengsel in de koeling lobbig is geworden- niet stijf anders krijg je een klontenbrij- meng je er de opgeklopte slagroom doorheen. Dan het mengsel in een natgemaakte puddingvorm gieten. Afdekken en minimaal 3 uur koelen.
Eventueel garneren met rood fruit en kletskoppen.



Colabavarois à la Pierre Wind

Vragen over uw huidige werkzaamheden:
U bent een kok met een geheel eigen en zeer opvallende bijzondere stijl, een TV-bekendheid en inmiddels dus ook een bekende Nederlander. Daarnaast heeft u meerdere boeken op uw naam staan en geeft u ook nog les en workshops.
Al met al een goed gevuld leven zo lijkt het als we bovenstaand allemaal lezen.


Kookookeens: Bij het horen en zien van uw naam wordt al gauw de link met een drukke kale ADHD kok gelegd om er zeker van te zijn dat ze de juiste voor zich hebben. In werkelijkheid ken ik u als een veel rustigere persoon dan tijdens het presenteren. Kunt u ons iets meer vertellen over hoe u bent, waar het begonnen is en hoe u uiteindelijk bekend bent geworden?
Pierre Wind: Het was een plicht, maar voor mijn geen nuttige dienst. Of toch wel? Ik was uitverkoren om als sergeant der zandhazen te dienen. En nog wel speciaal getraind voor ‘de YP’, een gepantserd voertuig waar acht klaargestoomde gevechtsmachines in de oorlogslinie snel mee uit de voeten konden. Al heel snel werd mij duidelijk dat ik behoorde tot de laatste lichting die nog opgeleid werd voor deze Porsche onder de groene legerauto’s. De YP was namelijk voorbestemd om dat jaar in het legermuseum nog dienst te doen als pronkstuk, ter bevestiging hoe mooi het leger vroeger was. Een zeer nuttige tijd dus, mijn dienstplicht. Toch heb ik nooit begrepen waarom ik tot streepjesjager der infanterie ben gebombardeerd. Je zou toch zeggen dat hospik of legerkok een logischere keus zou zijn geweest. Vooral als je weet dat ik tijdens de dienstplichtselectie duidelijk had verteld dat ik schieten eng vind en dat kaart lezen nou niet bepaald mijn sterkste punt is. Trouwens nog steeds niet. De belangrijkste taken van een YP-sergeant is leiding geven, schieten en kaart lezen. Een betere voor de functie hadden ze niet kunnen nemen.

Tijdens een weekendverlof was er een groot zomerfeest in mijn favoriete stapgelegenheid ‘Nastasta’. Destijds een dansgelegenheid voor Haagse punkers en New Wavers. Veel geblow, veel mooie vrouwen, veel doemmuziek en vooral veel drank. Ik zag er die avond ontzettend mooi uit: om mijn gespierde welgevormde benen spande zich een zwarte dameslegging, om mijn brede torso wapperde een zijdeachtig zwart gewaad en daaroverheen droeg ik een wijdvallend zwart colbert. En een vriendin was zo vriendelijk geweest om het weinige haar, dat mijn grotendeels kale hoofd nog sierde, te modelleren, met als gevolg dat ik met een gestreept achterhoofd door het leven ging. Een lopende productbarcode. Als finishing touch droeg ik mijn superpuntschoenen met zilveren gespen. Op het dak hadden ze dit keer een barbecue gestationeerd, waar je heerlijke saté kon kopen. Na aardig wat niet-alcoholvrije biertjes naar binnen gewerkt te hebben, begon ‘Tinus Trek’ in mijn lichaam aan de maagbel te slingeren. Een sateetje leek me wel wat. Ik belandde in de rij. Al was deze mensensliert niet echt lang, maar het leek wel of de kippen eerst nog moesten worden geplukt, à la minute gemarineerd, vervolgens aan een stokje geregen en dan pas op de gloeiende ijzers gepleurd. Tinus begon zich aardig te vervelen en ‘Diewertje Dorst’ kon ook niet worden bevredigd, want dan zou ik uit de rij stappen en zou Tinus woest worden. Dat durfde ik niet aan. Achter de barbecue stond een aardige gozer, maar hij was zo sloom als goede advocaat: lekker dik en langzaam uit de fles. Elke draaihandeling van het goddelijke kippenvlees aan een stokkie leek wel in slow motion te gaan. Het werd me allemaal teveel.


Pierre Wind

De alcoholische versnaperingen hadden aardig de rem losgegooid. Met veel Haagse bravoure stapte ik achter het kolenfornuis: " He goos, ga jè maah effe een gele jonge voâh me scaure, dan bak ik wel effe een sateitje voâh meizellef, ik hoef de trem wel nie te hale, maah van al dat wache krèg ik laude zweitpatatte en schiet ik wogtel. Ik hoef gein peen, maah wil gewaun een sateitje met veil kleffe pindablurry.” Goos ging niet direct een pils halen, maar maakte gek genoeg wel onmiddellijk plaats voor me. Binnen de kortste keren had ik het juiste satéritme te pakken en ging als een bezetene te keer. Hans Kazan of haardos Klok konden jaloers op me zijn. Ik liet een staaltje kookmagie zien. De rij slonk. En dat lag niet aan dat de wachtende menigte geen vertrouwen meer in het voer had en boos wegliep, maar domweg aan de snelheid. Niet dat ik nou zo’n kei in barbecueën ben. Het lag aan de opgefoktheid van het wachten en het gegeven dat ik ondertussen een wandelend biervat met kookhandjes was geworden. Goos was met de situatie zeer content: de verantwoordelijkheid taak, zodat ik niet bierdroog kwam te staan, was minder zwaar, dan achter de hittebron verkoolde vleugeldiertjes aan een stokkie te verkopen. Hij baalde dan ook wel lichtelijk toen we weer van plaats moesten ruilen. Al was ik Tinus totaal vergeten, maar ik was tenslotte gekomen voor een portie saus met vlees.

Voordat ik überhaupt een hap mijn strot in kon duwen, kwam een zeer welgevormde, strak uitziende en in fraaie spannende kledij getooide rijpe vrouw mijn kant op: “Mag ik je wat vragen?” zei ze met een zwoele zoetgevooisde stem. “ Ja, natuurlijk, waarom niet.” Allerlei fantastische visioenen rezen spontaan in mijn hoofd op: wat een kikke avond. Dat mij dit vanavond allemaal overkomt. Lekker voer en ook nog een mooie vrouw op mijn bord. Toch nog saus met vlees, maar dan veel lekkerder dan saté. Als ik Janus vanavond, na al die biertjes, nog maar omhoog krijg? “ Ik ben Maud, bak je wel vaker saté.” “Krijg nou wat.” “ Wat zei je?” “Nee, niks, ja heel wat kreeft.” Wat kreeg ik nou weer aan mijn klomp? Dat was nou wel het laatste onderwerp dat ik met haar wilde bespreken. Mijn sauspannetje bleef die nacht vol, maar ik had wel een nieuwe baan in de pocket. Maud wilde een lunchroom gaan beginnen en was naarstig op zoek naar een kok. Ik leek haar wel wat. De middagbroodjeszaak, die Maud voor ogen had, is nooit van de grond gekomen. Het werd ‘eet & drinkgelegenheid De Nas’, want restaurant vond ze oubollig klinken. Ik heb mijn diensttijd netjes uitgezeten. Al mocht ik wel in plaats van achttien maanden er maar veertien dienen. Het zou de eerste keer zijn dat ik de scepter over een keuken kon zwaaien en mijn eigen visie op koken kon geven. En dat wilde de legerleiding mij niet ontnemen. Is maar goed ook, want na veertien maanden zandhaas kon ik zeer goede bommetjes maken.

‘De Nas” werd een gouden tijd. Maud en ik waren een ideaal koppel. Twee jonge honden die de horecawereld eens wilde laten zien dat het allemaal anders kon. De vriend van Maud hield ons, zover dat mogelijk was, in toom. Al was hij ook niet vies van creatieve uitspattingen. Vanaf de eerste dag dat de Nas haar deuren opende, brak de gekte los. Alles was daar mogelijk. De zaak werd steeds extremer. De kookfilosofie was om met relatief goedkope producten een topkwaliteit neer te zetten. Een varkenskarbonaadje werd op dezelfde manier bereid en gepresenteerd, zoals ik het gewend was in de zeer luxueuze Michelinsterren restaurants. De smaakcombinaties waren echter totaal anders. De dropsoep en het zuurkoolijs zijn in de Nas geboren. Ik heb nooit gestreefd naar een Michelin-ster. Dat zou ook niet reëel zijn geweest. Er vonden in de Nas taferelen plaats waar menig Michelininspecteur spontaan een beroerte van zou krijgen. Over de dropsoep gezwegen, kon je daar als gast alles verwachten. Maud die plotseling bij je aan tafel ging zitten en een vorkje mee prikte. Gasten die zelf hun drankjes achter de bar konden pakken. Maud die op de meest rare momenten zich ging verkleden in een heks of muppet. Kinderen die, ook tijdens stressmomenten, zelf hun dessert in het kookheiligdom in elkaar mochten knutselen. Uit de kaart kon de voerliefhebber de personeelsmaaltijd bestellen, maar dan moesten ze wel op een bepaalde tijd het restaurant binnenlopen, namelijk wanneer het personeel zat te eten. Konden ze aanschuiven. Ook konden de fijnproevers verwachten dat een kale kok, met op zijn hoofd een barcode en puntige bakkebaarden, zijn hele gedichtenoeuvre aan hun tafel ging declareren of een legeroefening voordeed. De andere gasten natuurlijk verbouwereerd kijken. Wat doet die man op legerkisten daar, hij moet koken, waar blijft het eten? Maar als ik dan ook bij die mensen langs kwam was het leed al verzacht, met dien verstande dat de gourmands dan nog niet woedend de zaak waren uitgelopen. Gelukkig is dat laatste maar één keer gebeurt.

De gewoonte was dat ik regelmatig de menukaarten uitdeelde en dan gerechten uit de losse hand verkocht die niet op de kaart stonden. Mijn keukenbrigade was hier natuurlijk minder blij mee, want die gerechten waren niet voorbereid en gaven dus extra druk op de kookketel. Elke avond was anders en je wist nooit wat er precies ging gebeuren. Inkooptechnisch was dat wel eens lastig. Op een drukke avond gebeurde het een keer dat de entrecote was uitverkocht, maar er waren nog diverse gasten in het restaurant die in de veronderstelling waren dat ze entrecote met Fantasaus voor hun plaat kregen voorgeschoteld. Tegen nee-verkopen hadden Maud en ik een bloedhekel. Dus ging ik maar naar het dichtstbijzijnde collega-restaurant en leende daar een stuk koe. Op de terugweg knielde ik bij een tafel met het lap vlees in mijn handen, en keek naar boven. Op een dominee toon dankte ik de Heer boven, voor het zo broodnodige stuk vlees, dat hij naar beneden had laten vallen. Misschien een misplaatste grap, maar ik vond het wel wat overdreven dat de goedgelovige smulpaap direct zijn biezen pakte en de Nas de Nas liet. De volgende dag kreeg Maud van diezelfde trouwe kompaan van de Heer een telefoontje: of zij die kok misschien niet beter in de keuken kon houden, koken kon hij wel, maar van de capriolen die de kookkunstenaar in het restaurant uitvoerde was hij niet gediend. Zat misschien iets in, maar ik sloeg zijn advies in de wind.


Pierre Wind "en garde"

De Nas bleek een gouden formule. Van heinde en ver kwamen de gasten. Al snel maakte Maud mij mede-eigenaar. We leefden voor de zaak. Vaak heb ik in het feestzaaltje of in de bijkeuken op een matras de nacht doorgebracht. Niet om met Maud te stoeien (dat mocht niet van haar amigo), maar uit vermoeidheid: ik kon de kracht niet meer opbrengen om naar huis te gaan en het was vertrouwd om dicht bij je keuken dromenland in te gaan. Ik voelde me dan één met de grondstoffen die ik de volgende dag dan weer verwerkte tot een windkindje.
Op sporadische momenten deden we aan catering buiten de deur. De bestelling luidde: een salade voor dertig personen en het maakte niet uit wat het koste. Er kwam een geweldig idee mijn kokshoofd binnen sijpelen: een mega-tonijnsalade in de vorm van een anabole-steroïden-tonijn. Ik had natuurlijk geen passende schaal voor deze uit-de-kluiten-gewassen-vis-uitspatting. Even later was Maud al druk bezig om de keukendeur uit zijn scharnieren te halen. Na een grondige wasbeurt bleek de deur een ideale ondergrond te zijn voor de saladecreatie. Het werd prachtig. De verse tonijnfilet werd gemarineerd in sherryazijn, olijfolie, verse basilicum en tomaten zonder zaad. Van gemarineerde zalm in lavendel werden roosjes gemaakt en langoustines werden zo geprepareerd dat het net leken of ze aan het dansen waren. Een grote tonijnkop en een staart kregen een laag gelei over zich heen en komkommerplakjes dienden als schubben. Het eindresultaat was prachtig. We hadden onszelf overtroffen. Minutenlang keek ik met de brigade naar ons kunstwerk. Er werd een taxi gebeld om de salade zo snel mogelijk op de plaats van bestemming te brengen. De taxi arriveerde. De salade werd opgepakt. “Shit, shit, klote en nog eens shit” schalden wij de keuken in. De deur, die wij uren daarvoor tot het ultieme alternatief voor een schaal hadden gebombardeerd, bleek niet door de deuropening te kunnen. We probeerden van alles. Scheef, tot zover het kon zodat de deur geen spontane voerglijbaan werd, lukte ook niet. Voorzichtigheid was geboden, anders waren we nog verder van onze doelstelling weg. De taximeter bleef maar doorlopen. Met de minuut werd de radeloosheid erger. Maud kwam uiteindelijk met de oplossing. Een zaag deed wonderen, maar de winst was weg. We hebben een paar dagen zonder keukendeur gezeten. De nieuwe sluitpost was niet voorradig. Vanaf dat moment werd ons motto: ‘alles voor de kunst’.

Niet alleen op kokologisch gebied heeft de Nas veel voor mij betekend, ook in de liefde was die tijd zeer bepalend. In mijn hele Nasperiode ben ik twee keer vreemd gegaan, want de keuken was mijn gemalin. De eerste keer heette ze Marie. Een vreselijk lief meisje en ontzettend goed in bed, maar het werd uiteindelijk niks omdat ze me op alle fronten vastklampte. Ze werd voor mij de belichaming van Alcatraz. Daar zou ik nooit meer uitkomen. Tijdens onze seksuele escapades was dat natuurlijk geen probleem, maar daarbuiten vind ik vrijheid nog steeds een zeer belangrijk issue. Marie ging tien dagen op vakantie, zonder mij, want het was druk in de zaak. Elke dag liet ze in de Nas een roos komen met een kaartje erop: ‘Beertje, ik mis je.’ Het was een ontzettende lieve en romantische gedachte, maar voor mij werd deze vorm van liefdebetuiging een pure kwelling. Mijn collegae hadden het kaartje ook gelezen. Ik moest dus direct uitleggen waar dat ‘Beertje’ op sloeg. Vanaf dat moment ging ik als ‘Beertje’ door het leven. Was ik niet blij mee. De inspiratie tot dit koosnaampje waren mijn borstharen. Ik ben geschapen met nogal wat haardos, niet op mijn hoofd, maar de rest van mijn lichaam heeft niet te klagen. In militaire dienst was mijn lichaamstapijt al gespreksvoer:” Pierre, mag ik een shaggy van je draaien.”

De tweede Nasliefde heeft meer succes gehad. Ze was een vaste gast. Ik vond haar altijd wel aantrekkelijk, maar nooit kon het wakkerende vuur een vlam worden. Tot het moment dat ik met een ovenplaat vol met dampende warme broodjes de zaak in kwam lopen. Mijn oven was die middag in revisie en in die tussentijd mocht ik de warmtebron van een bevriende restaurateur lenen. Ze zat op de barkruk. Onze ogen kruisten elkaar. Ik kreeg het bloedjes warm en dat kwam niet van de loeihete bakplaat. Met haar wilde ik tongen, mijn hele leven lang. Maar hoe kreeg ik dat voor elkaar. Die avond kookte ik als nooit tevoren. Dit kon bijna niet misgaan. Er zat zoveel liefde in het eten en niet alleen in de presentatie, want ik had voor mijn aanstaande vlam alles in hartjesvorm geserveerd. Ik was ervan overtuigd dat ik hiermee elke vrouw overstag kon laten gaan. Voor alle zekerheid had ik de oberkelner geïnstrueerd. Hij had de opdracht om mij in geuren en kleuren verslag te doen van de reactie van de vlam in spé op elk gerecht dat ze kreeg voorgeschoteld. Het was een spannende avond. De kelner werd helemaal gek van me: om de vijf minuten vroeg ik aan hem: “En, en, en wat vind ze ervan, zou ze vanavond met me uit willen?” Het is gelukt. We hebben twee kinderen en zijn nog steeds het kopje en het schoteltje die perfect bij elkaar passen.
Niet veel later ben ik van de Nas gaan scheiden. Het is in goede harmonie gegaan, ik hoefde geen alimentatie te betalen. Ik denk nog steeds veel aan haar. We hebben vele kindjes gemaakt. Ze waren om van te smullen.


Kookookeens: Kunt u vertellen wat de hoogtepunten tot nu tot waren uit uw carrière met een kleine toelichting?
Pierre Wind: zie www.pierewind.nl

Kookookeens: Daarnaast zijn we logischerwijs natuurlijk ook nieuwsgierig of er ook dieptepunten in uw carrière hebben gezeten tot nu toe?
Pierre Wind: Ik denk niet in dieptepunten. Ik denk in leermomenten. Positief het leven benaderen is de sleutel. Streef na wat je wilt. Het enige waar ik wel eens overpeins is dat ik door mijn enorme vernieuwingsdrang vaak te vroeg met een vernieuwing kwam, terwijl de tijd daar nog niet rijp voor was. Ik heb daar nu veel beter mee leren omgaan. Heel vaak zie ik ideeën of kokologische uitspattingen die als nieuw worden ervaren, terwijl ik dan denk, maar dat deed ik in de jaren tachtig al. Bijvoorbeeld koken met stikstof enzo. Dat is aan niemand te verwijten, want ik besef dat ik dat zelf beter voor het voetlicht had moeten brengen, om die credits te krijgen. Dus, het zijn leermomenten. Je kan niks alleen, maar of iets wel of niet een succes wordt begint bij jezelf.

Kookookeens: Kunt u enige toelichting geven over uw huidige werkzaamheden? Smaakpretpark, smaaktrein, smaakles, week van de smaak en meer zijn termen die aan uw naam hangen als we uw naam “googlen”.
Pierre Wind: zie www.pierewind.nl

Kookookeens: Wat was voor u in 1997 de darkreden om de stap naar TV (De Eetfabriek van de NPS) te zetten?
Pierre Wind: In begin jaren negentig had ik al een idee en de drang voor de televisie. We hebben toen ook een pilot gemaakt. Dat was helaas niets geworden. Jaren later werd ik benaderd voor de Eetfabriek. De research was namelijk die bewuste pilot tegengekomen. Maar, ik had camera angst (ik heb vroeger zelfs op een stotterschool gezeten). De camera-angst heb ik overwonnen.

Kookookeens: Heeft u grote voor- of nadelen ondervonden door deze stap? Kunt u dit toelichten?
Pierre Wind: Dit is een vraag dat me niet bezighoudt . Ik denk niet in voor –of nadelen. Probeer van het leven het maximale eruit te halen. Het ene nadeel is weer het voordeel van het voordeel, etc. Vooruit kijken is het motto.

Kookookeens: Met welke bekende topkoks heeft u zoal de keuken gedeeld? Vindt u dit leuk of doet u het liever gewoon zelf?
Pierre Wind: Teveel om op te noemen. Of het nu een leerling of topchef is, het zijn allemaal collega’s. En collega’s zijn ten alle tijden inspirerend.

Kookookeens: U bent als je het met mij vraagt niet echt met een merk te koppelen. Ook uw site is een ontwerp van uzelf waar ook geen reclame op te vinden is. Veel anderen lopen uiteindelijk met de grote (convenience)merken op hun jas zoals bijvoorbeeld Unilever en Nestlé. Heeft dit weleens een bijzonder gevolg gehad (om hier niet in mee te gaan bijvoorbeeld)?
Pierre Wind: Onafhankelijkheid is het grootste goed. Daarom ben ik merkloos. Mijn streven is om zelf een merk te zijn. En, het liefst een A-merk. In mij zit een educatie –en vrijheidsdrang. Je kunt alleen maar geloofwaardig zijn, wanneer je niet aan een merk verbonden ben.
Natuurlijk heb ik tonnen euro’s misgelopen, maar dat is relatief. Want je kunt het ook weer omdraaien. Dat ik juist door die beslissing kan doen wat ik nu doe. Maar, dan kom je weer in het verhaal van voor en nadelen. En, daar geloof ik niet in. Ik geloof in ‘handelen naar je hart en passie’.


Kookookeens: Ik vind het bewonderenswaardig waarop u altijd weer mensen door uw actieve werkwijze weet te krijgen waar u ze wilt. U laat mensen hiermee grenzen overschrijden. Heeft u op deze manier weleens een bijzondere situatie meegemaakt?
Pierre Wind: Velen. Op macro –en micro niveau. Wanneer je kunt overtuigen dat ‘Vies bestaat niet’, zijn de grenzen los. Het klinkt misschien gek, maar elke grensoverschrijding, of ie nou groot of klein is, is bijzonder. Wanneer óver de grens gaan ’positief’ is, heb ik voor een ieder die dat doet een mega groot respect. Koken en eten is leven. Kokologisch je grens over gaan is een soort vakantie. Iedereen aan te raden.

Kookookeens: U heeft een aanstekelijk enthousiasme en bent een opvallende, herkenbare persoon. Wat vindt u van al de aandacht die u krijgt op straat en hoe houdt u dat binnen de perken op een moment dat uw hoofd hier niet naar staat?
Pierre Wind: Applaus is als benzine. Als de benodigde voedingstoffen voor een goed leven. Ik kook voor het Applaus.

Kookookeens: Is de carrière die u nu heeft gemaakt degene zoals u die als scholier wenste en voor u zag?
Pierre Wind: Daar denk ik niet over na. Ik kijk vooruit. Ik weet wel wat ik graag wil bereiken. Je bent pas dood wanneer je vergeten bent. En, ik wil niet dood. Moet dus er voor zorgen dat ik niet vergeten wordt. Dus: ik zou graag een standbeeld en een straatnaambord willen. Daar moet ik nog hard voor werken om er überhaupt voor in aanmerking te komen. Dus, genoeg motivatie.

Kookookeens: Wat is uw visie voor de toekomst, en heeft u nog een bepaald doel/wens?
Pierre Wind: Er is maar één echt wens/streven: verplichte voedingslessen op basisscholen (Smaaklessen).

Kookookeens: Hoe combineert u uw werk met een sociaal leven en hoe ziet uw sociale leven eruit, we weten namelijk heel weinig van u naast uw optdarkredens?
Pierre Wind: Ik werk zeven dagen per week. Vervang werk door het woord leef.

Kookookeens: Wat is uw geheim?
Pierre Wind: Proberen ten allen tijden jezelf te zijn. En: communiceren met je eten: “Praat met je tomaat”
Elke dag ben ik steeds op zoek naar dat ene moment van eetgeluk. Dat kan 1 hap, 1 voel of 1 ruik zijn. Daar kun je fijne gevoel weer weken op teren.


Kookookeens: Tot slot, heeft u zelf nog iets toe te voegen?
Pierre Wind: Voel, ruik, proef en doe.
Snobisme is de vijand van lekkâh eten.



Hans Everse & Pierre Wind

© www.kookookeens.nl 2012[/i]
_________________
Check www.kookookeens.nl en http://receptje.hyves.nl voor al je kookzaken. honger2
Maak ook al je "koksmaatjes" bekend met dit forum, iedereen met affiniteit voor eten en koken is welkom!
Terug naar boven
Profiel bekijken Stuur privébericht E-mail versturen







Geplaatst: 9 Nov 2013 19:43:17    Onderwerp:

Terug naar boven
Berichten van afgelopen:   
Nieuw onderwerp plaatsen   Reageren    www.kookookeens.nl Forumindex -> INTERVIEWS met TOPPERS uit de culinaire wereld... Tijden zijn in GMT + 1 uur
Pagina 1 van 1

 
Ga naar:  
Je mag geen nieuwe onderwerpen plaatsen in dit subforum
Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Je mag je berichten niet bewerken in dit subforum
Je mag je berichten niet verwijderen in dit subforum
Je mag niet stemmen in polls in dit subforum


Wil je ook een eigen gratis forum?

- Direct online
- Gratis je eigen logo
- Filmpjes en video mogelijk!


Klik hier om onmiddellijk jouw eigen forum aan te maken









Powered by phpBB © 2001, 2005 phpBB Group
Vertaling door Lennart Goosens.
RedSilver 1.03 Theme was programmed by DEVPPL JavaScript Forum
Images were made by DEVPPL Flash Games